Het slagveld der Führers

Klein fout tijdens het interbellum...

Tussen 1920 en 1941 bestond het rechtsextremistische geluid uit een kakofonie van elkaar overschreeuwende ‘nazi-führers’. Ruzies, splitsingen en fusies gooiden het strijdtoneel van "Leiders" regelmatig om. Hieronder volgt een kort overzicht van de 'trieste' ontwikkelingen binnen het nationaal-socialistische kamp. Hierbij moet bedacht worden dat het ledental van deze 'belangrijkste' partijen en bewegingen vaak niet boven de paar honderd uitkwam. Hoewel de partijen een kommervol bestaan leidden, heeft een aantal het volgehouden tot eind 1941. Op dat moment koos de bezetter definitief voor de Nationaal-Socialistische Beweging van Anton Mussert en werden alle andere politieke bewegingen verboden en ontbonden.

DE BEZEM
Vereeniging "De Bezem" met het gelijknamige weekblad - was de eerste Nederlandse beweging die zich fascistisch noemde. De oprichting vond plaats rond 1927. Richtten de meeste rechts anti-democratische stromingen zich op de gegoede burgers, deze vereniging probeerde vooral door revolutionaire taal de arbeiders te werven. De belangrijkste figuren achter deze vereniging waren Alfred Haighton, Sinclair de Rochemont, Erich Wichman en Jan Baars.

Tot maart 1930 bleef de club bijeen. Ruzie tussen Baars en Sinclair resulteerden in een splitsing. Zowel Baars als Sinclair gingen ieder hun eigen weg en claimden de naam De Bezem. Vanaf dat moment verschenen twee bladen met dezelfde naam.

Het groepje rond Sinclair behield de naam tot 15 augustus 1931. Daarna ging de club verder onder de de naam Verbond van Nationaal-Solidaristen in Rijks Nederland. Dit moet niet verward worden met het hieronder genoemde VERDINASO. Het dwerggroepje stierf eind 1934 een anomieme dood.

FASCISTEN-BOND "DE BEZEM"
De andere Bezem-organisatie had - als daarover gesproken kan worden - meer succes. In maart 1931 werd ze omgedoopt tot Fascisten-bond "De Bezem".

Ook werd het Coöperatieve Uitgeversbedrijf u.a. gesticht. Aan het succes lag met name het geld van de vermogende Haighton ten grondslag. Medio ’32 liep de samenwerking tussen Haighton en Baars stuk. De ruzie leidde ertoe dat Haighton uit de partij werd gezet en de naam Fascisten-Bond "De Bezem" werd veranderd in Algemene Nederlandsche Fascisten Bond (ANFB). De ANFB heeft twee jaar lang relatief ongestoord gefunctioneerd. Daarna viel zij in twee delen uiteen. De meeste leden van het zuidelijke deel gingen op in het Zwart Front van Arnold Meijer.

FUSIE MET DE NSNAP
Haightons Bezemgroep heeft het tot medio 1933 volgehouden, daarna is ze gefuseerd met de Nationaal-Socialistische Nederlandsche Arbeiderspartij (NSNAP) van Adalbert Smit. Dit was ondertussen één van de drie partijtjes die de naam NSNAP voerden.

Op 16 december 1931 werd de eerste NSNAP opgericht. Al spoedig scheidde zich twee groepen af, waardoor drie NSNAP-stromingen ontstonden, resp. die van Smit, van Van Waterland (een nazi leider die eigenlijk de 'arische' naam De Joode had) en van Van Rappard.

NSNAP KRUYT
Van Waterland hield het niet lang vol en werd opgevolgd door Kruyt. Hoewel deze NSNAP bij de kamerverkiezingen van 1937 slechts 900 stemmen wist te behalen, is zij wel de meest succesvolle NSNAP geweest. Kruyt c.s. hebben het dan ook tot eind '41 vol weten te houden.

NSNAP VAN RAPPARD
Voor de duitse inval was de NSNAP Van Rappard minder succesvol dan Kruyt. Na mei ’40 liet ze echter meer van zich spreken, maar dat waren slechts wanhopige stuiptrekkingen voordat ze eind ’41 ten onder ging.


NSNAP SMIT
De NSNAP Smit was een kort leven beschoren. In november 1933 ontstond weer eens ruzie en werd Smit uit de partij gezet. Ant. F. Schouten kwam aan het roer te staan, maar dat was geen succes. Deze nieuwe ‘rijksleider’ hielp de partij binen een half jaar financieel en organisatorisch het graf in. De Bezem bleef nog wel verschijnen als "onafhankelijk orgaan ter bevordering en verbreiding van de nationaal socialistische gedachte". In 1935 ging echter ook dit blad ten onder en werd het opgenomen in het weekblad Zwart Front van Arnold Meijer.

ZWART EN NATIONAAL FRONT
Het Zwart Front kwam rechtstreeks voort uit de Algemene Nederlandsche Fascisten Bond. De start van het Zwart Front ligt rond mei 1935, nadat Arnold Meijer zijn rivaal Louis Felten uit de beweging had gegooid.

Onder strakke leiding van Arnold Meijer groeide het Zwart Front uit tot de tweede rechtsextremistische stroming van Nederland. Op 20 april 1940 probeerde Meijer zijn beweging nieuw leven in te blazen en voor nieuwe leden aantrekkelijk te maken door de naam te veranderen in Nationaal Front.


De Duitse bezetter kon deze Nederlandse propaganda van het Nationaal Front niet waarderen en liet eind '41 definitief het doek voor Meijers beweging vallen.

VERDINASO
Een zeer kleine beweging was het Verbond van Dietsch Nationaal-Solidaristen. Onder leiding van Ernst Voorhoeve werd in de tweede helft van de jaren dertig een grote stroom brochures geproduceerd. Deze activiteiten waren weinig succesvol. In 1940 had het VERDINASO in Nederland nauwelijks 300 leden. Eind 1941 is deze organisatie opgegaan in de NSB.

NSB
De NSB is de belangrijkste Nationaal Socialistische Beweging in Nederland geweest. Anton Mussert stichtte zijn partij op 14 december 1931 op. Het grootste succes heeft zij gehad in de jaren '35-'36. Bij verkiezingen voor Provinciale Staten in 1935 behaalde de beweging bijna 8% van de stemmen. En in die jaren waren zelfs zo'n 55.000 Nederlanders lid van deze beweging. Ondertussen kreeg de anti-semitische vleugel steeds meer invloed, waardoor de uitingen van de NSB steeds onsmakelijker werden. Mede deze politieke koers leidde ertoe dat het snel bergafwaarts ging met zowel met de electorale aanhang als het ledental. Begin 1940 stond de partij zelfs op de rand van bankroet. De Duitse inval bracht de 'wende' voor Mussert. In 1942 benoemde Hitler hem tot "Leider van het Nederlandsche volk". Met dit soort, louter symbolische, veer-in-de-kont-stekerij speelde de bezetter perfect in op het ijdele karaker van de Leider. Mussert liet zich dan ook zonder probleem voor het karretje van Hitler spannen. Hoewel Musserts positie in de NSB niet onomstreden was, wist hij zich zonder veel problemen tot het eind van de oorlog te handhaven.

Met de bevrijding kwam een voorlopig einde aan de strijd in het rechtsextremistische kamp. Pas in het midden van de jaren vijftig staken nieuwe rechtsextremistische bewegingen de kop op. Hiermee ontbrandde wederom de slag der führers. Tot op de dag van vandaag wordt die in alle hevigheid gevoerd.

© Harold Makaske 29 augustus 2005 - Hoofdstuk: 9. Geschiedenis