Boekbespreking: Aleid Schilder, Spiritueel misbruik

De schrijfster pleegt zelf spiritueel misbruik.

Vol verwachting klopte mijn hart toen ik in de Psychologie de aankondiging van dit boek las. Een klinisch psycholoog die een boek schrijft over een materie die mij mateloos boeit: charlatans, quasigenezers en goeroes die mensen geld afhandig maken.

De omschrijving belooft veel goeds: “In scheve relaties met paranormaal begaafde leiders, al dan niet in een sekte, kunnen mensen ernstige schade oplopen. Klinisch psychologe Aleid Schilder waarschuwt potentiŽle slachtoffers, en roept politici, wetenschappers en hulpverleners op de gevaren serieus te nemen (…) Het boek bevat naast theorievorming ook veel ervaringsverhalen.”

Vanaf het eerste tot het laatste hoofdstuk glijdt deze belofte echter als los zand door je vingers. Er blijft niets van over.

De tekst is met name een aaneenschakeling van verhalen die mensen in de praktijk van Schilder hebben verteld. In het voorwoord schrijft Schilder: Uiteraard is alles anoniem gemaakt en zijn personen en situaties sterk veranderd.” Maar dat levert dan ook direct een probleem op. Als lezer kom je eigenlijk niks over de achtergrond en geestelijke toestand waarin de betreffende personen zich bevonden te weten. En als het al wordt vermeld, weet je niet of ook dat niet is veranderd.

Mijn volgende probleem met de tekst is dat Schilder de verhalen amper analyseert en duidt. Schilder handelt ieder verhaal af met een paar regels. Nergens bereikt ze daarbij enige diepgang. Eventuele wijze lessen die je uit de verhalen zou kunnen trekken, worden nergens systematisch opgeschreven. Het blijft allemaal flinterdun.

Ronduit teleurstellend is het theoretische deel van het boek. Ik heb nergens enige theorievorming kunnen ontdekken. Wie op zoek is naar systematische analyses, verklaringen en of gefundeerde oplossingen hoeft dit boek niet te kopen. De schrijfster overtuigt mij op geen enkele wijze dat ze enige theoretische diepgang heeft en/of nastreeft. Dit boek levert geen enkele bijdrage aan de kennisvorming en het wetenschappelijke debat over goeroes, spiritualiteit en sektes.

Sterker nog. Ik vind het boek gevaarlijk. De schrijfster wordt gepositioneerd als een klinisch psycholoog. Dan word je geacht een wetenschappelijk werk- en denkniveau te hebben. Veel lezers zullen dat niet hebben en slikken zo’n tekst voor zoete koek. En daar dreigt een groot gevaar.

In het eerste hoofdstuk “Credo” verklaart Schilder te geloven in onder andere een geestelijke wereld, de aanwezigheid van aura´s en chakra´s, de gaven van goede goeroes, de hulp van helderzienden, de kracht van kundalini, de mogelijkheid van mediums, de realiteit van reÔncarnatie, channeling, healing, de aanwezigheid en hulp van engelen, eeuwig leven als ziel.

Pardon??? Als wetenschapper is het je morele plicht om te verklaren dat er voor al deze zaken geen enkel bewijs is gevonden door de serieuze wetenschap. Je hoort te verklaren dat de voortgang van de wetenschap deze spirituele zaken steeds verder op losse schroeven zet. Er is geen wetenschappelijk bewijs voor helderziendheid, berichten van boven of reÔncarnatie. Uit serieus onderzoek blijkt keer op keer dat mediums niets meer zien dan ‘gewone’ mensen.

In de loop van deze week bespreek ik ook nog een ander boek op deze site. In die recensie zal ik laten zien hoe twee wetenschapsjournalisten afrekenen met het argumenten “de wetenschap is nog niet zover” en “er zijn dingen die de wetenschap niet kan weten”. Die argumenten liggen ook hier op de loer, maar zijn niet geldig.

Door je te verbinden aan deze goed-geloof-industrie maak je jezelf ongeloofwaardig als je vervolgens waarschuwt tegen de uitwassen ervan. Een ieder die zich laat betalen voor een ‘lijntje met boven’ licht mensen op.

Schilder zou als klinisch psycholoog de weg naar deze charlatannerij moeten ontraden of zelfs moeten afsluiten door er klip en klaar op te wijzen dat het geldklopperij is. Maar nee, ze maakt zelfs nog reclame voor een paar helderzienden. Ze laat er een aan het woord “waar ze een goed gevoel van kreeg”.

Lees even mee:
“Tweeduizend jaar geleden dreigden we ten onder te gaan, zoals met Atlantis en LemuriŽ is gebeurd. Omdat de mens dacht god te zijn (…) In Atlantis bestond ook vergevorderde wetenschap en waren al dingen ontwikkeld als bijvoorbeeld IVF.”

Of

“Hoe ik werk met entiteiten is in wezen simpel. Om te onderscheiden of ze licht of donker zijn, vraag ik altijd: ‘Kun jij erkennen, belijden, dus uitspreken, dat Christus als mens Jezus op aarde heeft rondgelopen?’ De donkere types zijn dan, hop, weg. En nooit in discussie gaan! Want de leer die Hij bracht is: werk aan je innerlijk. Daar houden demonen dus niet van.”

Hoe is het mogelijk dat een serieuze psychologe dergelijke nonsens met een soort aanbeveling en een link naar de website van deze charlatan durft voor te leggen aan haar lezers in een boek dat zou moeten waarschuwen tegen spiritueel misbruik?

Ze maakt het nog bonter door haar boek te besluiten met een stuk tekst van een zogenaamde channeling van Paulus. Via een medium sprak de apostel een groepje theologen toe. Schilder wil deze tekst graag doorgeven “omdat dit zo mooi in dit boek past.”

Het meezweven met de goed-geloof-industrie door Schilder is des te merkwaardiger omdat ze in haar rijtje met kenmerken van een sekte heeft staan: Irrationalisme en geloofsovertuigingen: de mate waarin de groepsleden bepaalde overtuigingen hebben die in strijd zijn met algemeen aanvaarde of wetenschappelijk onderbouwde opvattingen (bijvoorbeeld complottheorieŽn, het geloof in buitenaardse wezens, niet-werkzame ‘geneesmethodes’, enzovoort).”

Als de schrijfster dit als een kenmerk van sektarisch denken beschouwt: hoe kan ze dan serieus zelf geloven in zaken als reÔncarnatie, channeling, healing, engelen en de andere zaken die ze in haar voorwoord omarmt? Buitenaardse wezens zijn inderdaad niet wetenschappelijk aangetoond, maar zijn channeling, reÔncarnatie en engelen dat wel? De kans dat buitenaards leven wordt aangetroffen, is op basis van de huidige wetenschappelijk kennis vele malen aannemelijker dan het bestaan van engelen.

Schilder begeeft zich op glad ijs en gaat vervolgens keihard onderuit. In hoofdstuk vijf probeert ze onderscheid te maken tussen goede en slechte paragnosten en mediums. Dat is een vals onderscheid. De schrijfster had zonder voorbehoud afstand moeten nemen van alle paragnosten. Door dat niet te doen waarschuwt ze niet, maar pleegt ze zelf spiritueel misbruik.

Toevoeging
Onlangs werd de schrijfster geÔnterviewd bij de Avro (radio programma De Praktijk). Ze kreeg de vraag of ze met dit boek wel de potentiŽle slachtoffers dacht te bereiken. Daarop antwoordde ze letterlijk: "In ieder geval komen hierdoor mensen bij mij binnen die aan dit soort misbruik hebben geleden." De schrijfster zelf ziet het dus als een mooie reclame voor haar praktijk. Gelet op het feit dat Schilder zelf ook allerlei discutabele zweverij omarmt, kun je je serieus afvragen of slachtoffers daarmee wel geholpen zijn. Om de podcast van het programma te horen: klik hier (de hier geciteerde passage begint na 10.25 minuten).

Vanuit de Vereniging tegen Kwakzalverij kreeg ik het bericht dat Aleid Schilder weliswaar een psychologen praktijk runt in Eindhoven, maar dat ze niet geregistreerd staat in het BIG-register. Zoeken op Schilder en Eindhoven levert hier geen resultaat op.

© Harold Makaske 31 augustus 2009 - Hoofdstuk: 5. Losse gedachten